Diverse doosjes als in Doesburg vervaardigd

Productoverzicht

1. Verblifa Doesburg tussen 1946 en 1965

In deze periode was de blikfabriek eigendom van de ‘Vereenigde Blikfabrieken’ (Verblifa) in Amsterdam. 

Producten 1946 – 1955
In deze periode maakte Verblifa emaille artikelen (pannen en potten). Nadat de markt instortte werden in 1952 20 mensen ontslagen, maar tussen 1955 en 1965 werd opnieuw begonnen met aluminium pannen en potten uit plaatstaal. 

Comforta

Rond 1953 zijn er gascomfoortoestellen van het merk Comforta gemaakt. Deze werden in de trekkerij uitgestampt, daarna geëmailleerd en in de montage-afdeling in elkaar gezet.

Het defensiecontract 1952 – 1956
Rond 1951 verwierf Verblifa voor de fabriek in Doesburg een contract van het Ministerie van Oorlog (defensie). De producten werden o.a. gemaakt in de trekkerij.
Jerrycans werden in twee helften uitgestampt en daarna aan elkaar gelast. 
Rond 1955 besloot Verblifa deze productie in Doesburg af te bouwen. Onder andere door de discussie over de kwaliteit werd er niet genoeg aan verdiend. Er werd overgeschakeld op producten waar wél winst op kon worden gemaakt.

Berkel kappen voor vleeswarensnijmachines

Deze kappen werden gemaakt voor vleeswarensnijmachines – beschermkappen voor het gebruik van die snijmachines van de firma Berkel – ter bescherming in slagerijen en kaaswinkels. 

Tokheimdeuren – deuren van benzinepompen

Bijgaande foto dient als voorbeeld en stamt niet uit het bedrijfsarchief van de Blikfabriek. Tokheim was een bedrijf dat benzinepompen installeerde. Het bedrijf had vanaf 1953 een vestiging in Leiden en installeerde door heel Nederland benzinepompen.

Rompen voor Hoover stofzuigers
Van dit halfproduct gemaakt van plaatstaal zijn geen beeld- of archiefgegevens gevonden. Waarschijnlijk worden Hoover stofzuigers bedoeld, een product van het Amerikaanse bedrijf Hoover, dat sinds de jaren 30 verkoopkantoren had in Nederland. De producten werden verkocht onder de naam Electrolux.

De Calmix oliekachel

In Doesburg werden Calmix oliekachels gefabriceerd. De onderdelen werden in de stamperij en trekkerij uitgestampt. Daarna werden ze voorzien van een verf- en laklaag. Op de Calmix-afdeling werden ze gemonteerd en proefgebrand.

De postzegelautomaat

Er zijn ook producten die door de geïnterviewden niet worden genoemd, maar die wel in het bedrijfsarchief voorkomen. Een voorbeeld daarvan is de Postzegelautomaat.

De Machinefabriek 1946-1969
Een voorbeeld: de machine waarmee het ‘buisman-lepeltje’ werd uitgestampt is in Doesburg gebouwd. Tussen 1946 en 1955 produceert de machinefabriek machines voor alle Nederlandse vestigingen van Verblifa. In 1955 wordt besloten daarmee te stoppen; er worden 125 mensen ontslagen. Tussen 1956 en 1969 is de kernactiviteit van de ‘machinefabriek’ van Doesburg het ‘reviseren en onderhouden’ van machines. Er worden wel producten gemaakt, maar aan bestaande (gekochte) machineparken. Voorbeelden daarvan zijn ‘stempels’ (mallen voor de productie) om die machines aan te passen en te reviseren. Het werken met plaatstaal verdween en daarvoor in de plaats kwam het materiaal blik.

Spuitbussen (Aerosols) 1960 – 1985

In 1960 start de nieuwe productielijn voor het veelbelovende product Spuitbussen (Aerosols). Volgens het bedrijfsarchief zijn deze tot 1985 in Doesburg gemaakt. 

In de snijderij werden platen blik in stroken gesneden. In de aerosol-afdeling werd eerst een cup uitgestampt die op een slagenpers werd diepgetrokken. Daarna werd het materiaal uitgerekt (hoger/langer gemaakt). In nog eens 9 bewerkingen werden ze ontvet en van binnen voorzien van een laklaag die in een oven werd gedroogd. Vervolgens werd er een bodem onder gefelst.

De foto’s uit het bedrijfsarchief van TDV in Deventer laten zien dat een compleet product zonder vulling kon worden gemaakt. Ook werden voor andere bedrijven onderdelen van dergelijke spuitbussen gemaakt als ‘halffabrikaat’. 

Glassluitingen (Panocaps en Twist-off) 1964 – 2002

In deze periode deed de zogenaamde glassluiting zijn intrede, deksels voor Hak (één van de grootste afnemers) en andere bedrijven die hun producten in glas verpakten. De glassluitingen werden samen met de sigarendozen het hoofdproduct. Dit product, ook panocaps genoemd, heeft in Doesburg uiteindelijk een geschiedenis van 38 jaar.

Op de foto controleert een medewerker kwaliteit het product. Het product werd in 1994 ook wel de Twistoffcap genoemd (stalen glassluitingen). Het werd gebruikt door merken als Uncle Ben’s, Hak, Heinz, Hero en Materne. Deze productielijn is na 1994 ondergebracht bij de White Cap Nederland BV en in 2002 verkocht. De werkzaamheden werden overgeplaatst naar elders in Europa. 

2. Thomassen Drijver & Verblifa (TDV) Doesburg tussen 1965 en 1970

In 1965 wordt Verblifa overgenomen door Thomassen & Drijver uit Deventer. In Deventer komt het hoofdkantoor. Veel productlijnen uit de vorige periode worden of zijn dan in Doesburg al gestopt. Het nieuwe beleid is om meer massa-productie per fabriekslocatie te realiseren; de Blikfabriek in Doesburg hoort bij de locaties waar de directie dat wil realiseren. Volgens de archieven van TDV in Deventer zijn vier productlijnen in deze periode nog actief, met twee ervan wordt gestopt. Rond 1970 zijn er dan nog twee over: spuitbussen en glassluitingen.

3. Thomassen Drijver & Verblifa (TDV) Doesburg tussen 1970 en 2010

In de jaren 1986 en 1987 wordt er gesaneerd. In het TDV-concern verdwijnen veel banen, ook in Doesburg. In 1987 worden 115 van de 350 medewerkers ontslagen. Productielijnen in Doesburg stoppen of worden verkocht (Spuitbussen en Luxe Artikelen). Na 1987 zijn er nog twee productielijnen over: glassluitingen (tot 2002) en sigarendozen en tabaksbussen (tot 2010). 

Gedurende deze periode heeft de Blikfabriek in Doesburg meerdere eigenaren. De fabriek produceerde in deze tijd verschillende producten. Op volgorde van beëindiging zijn dat, ieder met hun eigen verhaal: spuitbussen, luxe artikelen, glassluitingen, sigarendozen en tabaksbussen.

Voor Philips condensatorbusjes werden rompjes vervaardigd waar een bodem onder werd gesoldeerd. Ander producten waren koekjestrommels en andere luxe trommels. Deze producten gingen later over naar de Weduwe Bekkers in Wehl. In 1986 wordt het onderdeel verkocht aan Zaanlandia.

Voor merken als Henri Wintermans (grootste klant), Schimmelpenninck, Willem II, La Paz, Panter en Davidoff worden scharnierende sigarenblikjes gemaakt. De totale jaarproductie van 50 miljoen stuks omvat ook blikken voor shagmerken als Drum en Winner. Na 1994 wordt dit bedrijfsonderdeel Impress BV dat in 2010 verhuist naar Deventer.