© Nationaal Archief

‘Dit monument zal in oude luister herrijzen’

Er ging veel, heel veel werk vooraf aan die 31e augustus in 1972. Werk waar maar liefst 6 burgemeesters bij betrokken waren: Nieuwenhuis, Keiser, baron Van Tuyll van Serooskerken, Flugi van Aspermont, Diepenhorst en Van Walsum. Er waren ook talloze geldinzamelingsacties: het Blijde-dag Fonds, de Guldens-aktie, de Steentjesaktie en de Aktie Cado, om maar enkele te noemen. Hoezeer de bevolking en de ambtenarij betrokken waren blijkt wel uit de ruim 300 aanwezigen die op die dag kort na 11.00 uur in de kerk plaats namen. De megaklus culmineerde in een programma van vijf kwartier in aanwezigheid van Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Beatrix. 

Verbinding

Zij vormde de verbinding met haar grootmoeder, de toenmalige koningin vorstin Wilhelmina. Die had in de zomer 1945, staande op de puinhopen van de toren en de kerk, die bekende woorden uitgesproken: ‘Dit monument zal in oude luister herrijzen’. Op 31 augustus, Wilhelmina’s verjaardag, wordt de Doesburgse Martinikerk heropend door haar kleindochter met de onthulling van een gedenksteen waarop dezelfde woorden te lezen zijn. Het comité dat belast was met de organisatie wachtte een spannende dag. De heren Van Walsum, Klein, Abbingh, Kuneman, Janssen, Maessen, Verweij en Egberts stonden ‘aangetreden’.

In zijn openingswoord zei burgemeester Van Walsum onder andere:

‘k doe dit als vertegenwoordiger van de stad die zonder de Martinikerk zichzelf niet meer was. Met de Martinikerk immers is ook Doesburg weer herrezen”. Hoe beschrijf je overigens een gemis, iets dat er niet meer is? “Er is het uithoudingsvermogen om financiële obstakels te overwinnen, er was geen geld in de naoorlogse jaren voor een ingrijpende restauratie, maar men heeft geduldig meer dan tien jaar gewacht tot het geld er was.’

‘Nieuw was de verblijdende eenheid waarin kerkelijke en burgerlijke gemeente gezamenlijk wisten op te trekken, waardoor het mogelijk werd om kerk en toren in het verleden als een eenheid gebouwd, ook als een eenheid te blijven hanteren.’

‘Doesburg is weer Doesburg en we kijken terug over de weg die tot dit punt heeft geleid en zijn dankbaar. Voor de stad is deze dag geen eindpunt, eerder een begin. Er moet zoveel in de binnenstad worden gerestaureerd en gerehabiliteerd!

President- kerkvoogd Klein in zijn ‘begroetingsrede’:

‘Doesburg heeft met de herbouw van kerk en toren haar silhouet weer teruggekregen. Velen van u zullen reeds van verre de slanke toren in het Gelderse landschap hebben zien staan. Een baken waarop men een goede koers vaart, want niet alleen door de herbouw van deze toren en kerk maar ook door de vele andere gerestaureerde panden is Doesburg langzamerhand een interessante stad met veel mooie gebouwen geworden die een bezoek zeker waard is.’ 

‘Zevenentwintig jaar is een lange tijd en veel pioniers van het eerste uur zijn niet meer in leven.’

‘Heel veel en uitgebreide dankbetuigingen. Dank aan de honderden, duizenden zonder binding aan deze kerk, dan alleen het feit dat het een Doesburgse kerk was, hebben gegeven.’

‘Dank voor de beheerders van het Restauratiefonds, Het Blijde Dagfonds, de bazars, en de vereniging 15 april 1945 aan welke vereniging wij zeer veel te danken hebben.’

‘Voor ons heeft uw aanwezigheid Koninklijke Hoogheid een historische en symbolische betekenis. Historisch omdat uw Koninklijke grootmoeder in haar bewogen meeleven met de steun van onze gemeente al die jaren door een stimulans is geweest onzerzijds al onze krachten aan de wederopbouw te geven.’

‘Symbolisch is het feit dat u als oudste kleindochter nu na 27 jaar op haar verjaardag die hier nog altijd een bijzondere betekenis heeft de gedenksteen wilt onthullen en in feite daarmee in feite mag realiseren de zin destijds door haar uitgesproken. Het was een omvangrijk karwei, de herbouw van de toren en de restauratie van de kerk, maar er gebeurde meer. De uitbreiding van het Hemony carillon, de herinrichting van het marktplein, om maar een paar voorbeelden te noemen.’

Colofon

Research en tekst: Marijke Peelen- Sterk en José Meuwese

Bronnen: 
Het Streekjournaal, diverse publicaties, Streekarchief de Liemers en Doesburg – De Graafschapsbode – ‘De Prinses’, editie 4 november 1972 – Raalten, Jan van, ‘De Martinikerk van Doesburg’ – Kesteren, Rengert van, ‘Doesburg tijdens de opstand (1568 – 1648)’.

Met dank aan Hermen Overweg, Huib van Walsum, Alex Koster en de familie Engeldorp Gastelaars (voor foto’s uit het familie-archief). Tentoonstelling in de Grote Kerk: samenstelling en realisatie o.a. H.G. Snijders en R.G. Egberts.

Eindredactie: Theo Maas
Vormgeving: Han Jansen

Doesburg, juli 2022

Meer weten?

> Tijdlijn herbouw Martinitoren
Maak kennis met Doesburg van boven

Daar sta je dan, na 220 treden. Op de trans van de toren. Het uitzicht over Doesburg is adembenemend.

Lees verder >

De Veluwezoom, de Achterhoek en de Liemers, met als extraatje de stad in zijn totaliteit en op haar allermooist. We zien de Beinum, en de Ooi; het Molenveld en de oude binnenstad. Het beeld wordt omlijst door de fraai meanderende IJssel, de Oude IJssel en de vestingwerken van Menno van Coehoorn. 

Torenbeklimmingen onder leiding van een gids zijn mogelijk op de Culturele Zondag (elke eerste zondag van de maand) en tijdens de schoolvakanties op iedere woensdag, vrijdag en zaterdag om 14.00 uur. Reserveren en boeken kan bij de VVV.

Oud burgemeester H.V. van Walsum

“Terugblikkend op 31 augustus 1972. Het was een zonnige dag toen de herstelde Martinikerk werd geopend door Hare Koninklijke Hoogheid prinses Beatrix. Het volle schip van de kerk en de prachtige hoed van de prinses herinner ik mij het meest.

Lees verder >

Alles was zorgvuldig gepland. Binnen de kerk had de president-kerkvoogd de leiding. Dat was, denken mijn vrouw en ik, de oudste van de gebroeders Klein, die gezamenlijk een betonfabriek dreven. Buiten de kerk was het mijn verantwoordelijkheid.

Wij liepen over de Markt. Voor de moderne kerk stond een groep publiek: volwassenen, maar ook veel kinderen. Daarna liepen wij over de Veerpoortstraat, weer opvallend veel kinderen. We betraden het gemeentehuis door de hoofdingang. In de Burgerzaal werd gerecipieerd. De prinses liet zich voorstellen aan diverse gasten waaronder Etta Flugi van Aspermont, weduwe van mijn voorganger. Zij was inmiddels benoemd tot burgemeester van Rozendaal. Van daaruit zijn de prinses en haar aardige hofdame weer naar huis vertrokken.”

Vereniging 15 april 1945 opgericht

De gebeurtenissen van 15 april 1945 en de wens om financiële steun te verlenen ten behoeve van de restauratie van de Martinikerk waren, met instemming van de Hervormde Gemeente, aanleiding tot de oprichting van de Vereniging 15 april 1945 (in 1967 geëvolueerd tot de Monumentenvereniging 15 april 1945).

Lees verder >

In het voorlopig oprichtingsbestuur zien we een aantal prominente namen, onder wie J.M. Snappenburg de Vries, G.H. van Hengel, J.G. Veenenbos en mevrouw H.M. van der Wal-Brinkman. In de oprichtingsakte staat de volgende tekst: ‘Aan ons de taak weer op te bouwen wat de schennende hand van de onderdrukker vernielde’. In krantenberichten rond 31 augustus 1972 en de feestelijke gebeurtenissen is er veel aandacht voor de wederopbouw van de stad. De vereniging noemt het geen eindpunt, maar een ‘rustpunt’. Genoemde vereniging buigt zich over de vraag wat er gedaan kan worden om het ‘oud stadsschoon in stand te houden’. Het gemeentebestuur heeft hiervoor alle aandacht en daarnaast is ‘de hoop gevestigd op particulieren die panden zullen laten restaureren.’

Receptie na de officiële ingebruikneming

Op 31 augustus 1972 organiseerden de Kerkvoogdij en de gemeente, aansluitend op de officiële ingebruikneming, een receptie in de Burgerzaal van het Doesburgse stadhuis. De uitnodiging gebeurde in de vorm van een advertentie in de krant van de dag ervoor. Tijdens die receptie op receptie op 31 augustus 1972 waren dit de sprekers:
G. Kempcke, de burgemeester van Friedrichstadt;
Dominee W.B.A. Smits, de voorzitter van de Provinciale kerkvergadering;
J.D. Klein, president-kerkvoogd van de Nederlands Hervormde Gemeente Doesburg;
Mr. H.V. van Walsum, de burgemeester van Doesburg.

Het grootste kerkorgel van Gelderland
Lees verder >

Met als kop ‘Martinitoren krijgt grootste kerkorgel van Gelderland’ bracht het Streekblad de komst van het ‘beroemde Walcker-orgel’ onder de aandacht van de Doesburgse lezers. Het orgel, dat dateert van 1916, was overgebracht uit Rotterdam. Drie organisten uit Rotterdam en één uit Maassluis, die het orgel door en door kenden, verzorgden op de avond van de officiële ingebruikname van toren en kerk een concert. Het orgel was blijkbaar zo beroemd, dat, althans zo stond het in de krant, er zelfs in Rotterdam al ‘enkele honderden kaarten’ waren verkocht.

> Lees verder over het Walcker-orgel.

Opvallende namen in de lijst van genodigden

In juni 1972 maakt gemeentesecretaris Jan Marinus Snappenburg de Vries een aanzet voor een lijst van genodigden voor 31 augustus. Het rapport is getiteld ‘Inzake de medewerkers, betaald, niet betaald en de onbetaalbare krachten, met betrekking tot de herbouw van de Martinitoren en de daarbij behorende basiliek.’

Lees verder >

De lijst beslaat uit vier volgetypte A4 velletjes met naam en reden waarom de persoon of organisatie uitgenodigd moet worden. We selecteerden een aantal opvallende.

• Sammy, baron Van Tuyll van Serooskerken, die in 1962 het ‘kopje’ van zijn vader aanbracht in het torenportaal. 
• Een neef van wijlen van burgemeester Nahuys die jaarlijks een financiële bijdrage overmaakte voor de kerkrestauratie.
• Mr. G.E. van Walsum, ‘feestredenaar’ die bovendien talloze adviezen gaf en zijn medewerking verleende aan een ‘bepaald geval’.
• Een vertegenwoordiger van het gemeentebestuur van Utrecht, de stad met de hoogste toren van ons land. Utrecht gaf ook een belangrijke bijdrage aan de kerkrestauratie, als dank voor de hulp die Doesburgers in de bezettingsjaren gaven aan vervolgde ingezetenen van Utrecht (O.T.).
• Er wordt ook een uitnodiging aanbevolen aan de commandant van de luchtmacht, omdat die de order gaf aan legervliegers om de stad Doesburg zoveel mogelijk te mijden; het doorbreken van de geluidsbarrière zou mogelijk verdere *instorting van de kerk tot gevolg kunnen hebben.
• Ook de naam van de toenmalige ‘stadsbaas’ G. Kerkkamp komt voor in de lijst: … ‘die met achtergebleven oorlogsbuit (materiaal voor de te bouwen houten brug over de IJssel) de klokkenstoel bouwde waarin de zwaarste klokken uit de toren een tijdelijke plaats kregen.’ Een tweede reden was dat Kerkkamp, door zijn jarenlang herhaalde torenbeklimmingen, erg vergroeid was geraakt met de verwoeste toren.

* In 1962 stortte tijdens de restauratiewerkzaamheden de meest westelijke kolom aan de noordzijde van de kerk in. Met gevaar voor eigen leven hebben de werklieden van de aannemer drie dagen en nachten doorgewerkt om het gewelf te stutten. Het betekende een forse tegenslag.

Doesburgse gemeenschapszin bij de nieuwe torenverlichting

Amper 2 maanden na 15 april 1945 kwam al het eerste geld binnen voor de torenverlichting. Later pakte het actiecomité Torenlicht deze activiteit op. Het comité zocht contact met het VVV en de plaatselijke winkeliersvereniging ‘Doesburg 2000’.

Lees verder >

Ook het Doesburgs Streekblad deed aan de actie mee. Het plan was om 1 gulden per inwoner bijeen te brengen; de actie liep tot zaterdag 29 juli 1972. Het slotakkoord kwam van Ubbink Plastics NV en de Amro Bank, en dat maakte het uiteindelijk de realisatie mogelijk. Bekende schenkers waren:
‘Soos de Poorters’, zeilvereniging de Oude IJssel, J.H. Hoogenkamp schoenen, Stoomwasserij ‘IJsselstroom’, Thomassen & Drijver/Verblifa, ‘De Oude Veste’ en W. Klein & Zonen NV.